G.

July 17th, 2008

We stonden op de stenen tegeltjes van een gemeenschappelijke omkleedcabine in het zwembad.
We hadden net gezwommen en droogden ons af. Er waren jongens. En een klein beetje meisjes.
Ik was ook een meisje. En ik was ongeveer 8.
Doordat ik véél te vlug deed, was ik nog niet helemaal droog toen ik mijn onderbroek wou aandoen. Zoals u wel weet, natte billen en kinderonderbroeken, dat gaat niet samen. Dus rolde mijn onderbroek op, zoals een worstje.

‘Amai’, zei de leraar,’iemand die zo zijn onderbroeken aandoet, die kan er wat van.’

Herinner u, ik was een meisje, een jaar of acht. Die cabine stond bijna vol jongens.
Ik, ik stond daar rood te worstelen met een onderbroek zoals een worst.

Gemeen.
Nu, die leraar was mijn nonkel, en omdat hij zwemmen gaf, mocht ik mee.
Ik mocht overal mee met hem. Altijd. Hij (en mijn tante) trakteerden me op reisjes (en welke!) en omdat mijn nonkel die zwemleraar was ook toevallig mijn nonkel was die met de bus naar Spanje reed, mocht ik in de chauffeurscabine slapen.

Heel wat voor een kind.

Die nonkel was gelijk meer papa voor mij dan mijn eigen papa ooit geweest is.

Ik vond het altijd leuk bij hem, echt waar.
Hij doet me denken aan Oostenrijkse limonade, een droedelkoeken en aan bruinverbrande huid. Aan donkere zonnebrillen en hemden die wat openstaan.

Die nonkel is nu al lang mijn nonkel niet meer. Hij brengt hoedanook het meligste in mij naar boven. Vergeef me.

Nu heeft hij klotekanker. En dat vind ik nog veel gemener.

2 Responses to “G.”

  1. Machteld Sohier Says:

    Ik ben er ook kapot van, Marie. Die nonkel was mijn eerste schoonbroer, en hij blijft een warm plaatsje hebben in mijn hart. Klotekanker godverdomme

  2. nonkel Says:

    ik weet het hoe lief hij was voor jullie,hoeveel jullie met hem waren.Laat ons hopen dat het goed komt.

Leave a Reply