Prutsje

November 10th, 2015

‘Ik heb liever dat ze al die prutsjes thuislaten, niks dan miserie.’

De juf trok een beetje een zuur gezicht toen ze het zei op het oudercontact vorig jaar, maar we begrepen haar wel. Al die kindertjes met prutsjes in hun boekentassen, jassen, handen en banken, het was me wat. Soms verdween er iets, wat een ramp, en dan moest ik in het donker in de kille gangen van de school op zoek naar een klein plastieken Zoobles-diertje, dat opensprong als het dicht bij een magneetje kwam. Passeerden nog de revue: het zachte knuffeltje dat ze met haar zakcentjes kocht in Planckendael, een pluchen hondje van de rommelmarkt, een springbal, een klein portemonneetje met schelpen van de zee, een mooie steen, een HarryPotterstok uit het bos, een medaillon van de échte Harry Potter, dat zus uit Londen meebracht, oh wat heeft ze veel van die dingen waar ze behoorlijk aan is gehecht.

‘Mag ik nog vlug naar boven om iets?’, het was de dagelijkse vraag toen we -eindelijk- klaar stonden om te vertrekken, te laat, teveel gepakt, te druk.
Dan kwam ze glunderend terug met een kleinood in haar handen, fluisterde dat ze het echt in haar jaszakken zou houden en niet aan de juf zou laten zien en dat ze zo blij was dat het toch mocht.

Maar de juf had het dus wel door en prutsjes waren vanaf toen verboden.

Geen erg, ze knikte zeer erg bewust, zei dat ze het snapte maar wel jammer vond en kickte af van wat voor haar het heerlijkst van haar leven was: kleine dingetjes dicht bij je, in je handen, als je niet in je eigen huis bent.

‘Ik speel daarmee, in mijn hoofd’, antwoordde ze braaf toen ik haar weken later vroeg waarom ze dat zo miste, en waarom ze zo graag vanalles meezeulde, ook al wist ze dat het kwijt kon raken, of kapot. ‘Ik speel rovertje, of beschermer, of Hermelien van Harry Potter. Of draak, of vleermuis, of hondenverzorger. Soms spelen er kinderen met me mee, soms niet. Ik vind het eigenlijk allemaal goed hoor, en ik snap dat het niet mag maar het is wel jammer mamatje.’

Ze hield zich ongeveer braaf aan de regel van het prutsjesverbod, maar de verhalen in haar hoofd bleven komen. Soms staat ze op en strekt een pootje uit, en dan weet ik dat ze een hond is. Of ze sist Parseltongue en dan is ze op Zweinstein, met een toverstok in haar hand. Ze is lang een piraat geweest, en ook nog erg vaak een cowboy, maar nu is ze het liefst een vleermuis, zo’n gevaarlijke, die dicht aanleunt bij een vampier. Ze heeft een ieniemienievleermuisje, waar ze immens zorg voor draagt, en dat als een kindje aan haar vingers plakt. De vleermuiscape die ze van Ikea kreeg van mij, is haar tweede vel en ze draagt hem om te slapen, te spelen en donderdag mag ze hem aan voor school. Want de juf van dit jaar let niet zo op prutsjes en langzaamaan sleurt ze weer vanalles mee naar school, en moeten wij ‘s morgens weer aan de trap op haar staan wachten.

Ik ben blij voor haar dat het weer mag.

Al die kleinigheden helpen haar door de warrige, drukke en veranderende wereld waarin ze dagelijks zo hard haar best doet om te gedijen. Allemaal kleine houvastigheden die haar binnenste rustiger, blijer en voldaner maken. Amuletten tegen de dagen waarop mensen soms eens raar naar haar kijken en vragen of ze het niet beschamelijk vindt om verkleed rond te lopen in Ledeberg. Babypopjes en knuffelhondjes en toverboeken vol Pan-magie. Soms is het een magische ketting, die ze op de valreep nog meegritst van op tafel of een oud versleten boekje vol geheimschrift over Kastanjerapers.

Oh wat ben ik blij voor haar dat het eindelijk weer mag.

naamloos

(haar foto mocht erop met haar toestemming)

8 Responses to “Prutsje”

  1. Katrien Morez Says:

    Zalig om lezen, Marie, ‘s ochtends of ‘s avonds, gelijk wanneer – dan staat mijn tijd (wéér) stil.
    Wouter, onze jongste – binnen een paar uur 18!? – had altijd vanalles in zijn zakken, papiertjes, steentjes, rekkers, véél rekkers, kapotte rekkers aaneengeknoopt … soms tot mijn wanhoop als de wasmachine moest draaien maar hij is ‘n crème 🙂

  2. Liese Says:

    Mooi!

  3. oon Says:

    Oh, wat heerlijk voor haar dat het weer kan. Wat een wijs kind is dat toch. Het verbaast me niet dat die twee van ons een soort klik hebben. F leeft ook vaak in een andere wereld die ‘te moeilijk’ is voor zijn klasgenoten en dan trekt hij zich ook terug in zijn hoofd.

  4. Els Says:

    Ooit, toen het leven een scherpe bocht voor me tekende, kreeg ik van mijn man een amulet. “Je bent nooit alleen, als het moeilijk gaat, we gaan er samen door” . Goud is het waard, al die kleine prutsen die je houvast geven. Een verloren speeltje in je zak, een steentje, zelfs een papiertje van een koek. Ze maken het leven lichter, doen je fantaseren en dromen, herinneren en glimlachen… Houden zo, lieve meid! X

  5. Ellen Says:

    Jaszakschatten. Wat mooi.

  6. Hilde Says:

    Die kleine dingskes zijn de handvatten die het leven je aanreikt om houvast te vinden in verwarrende tijden! Héérlijk verhaal!

  7. caroline Says:

    Prachtig, zowel je schrijfsel als je dochter.

  8. The Needle Of Choice Says:

    Wat een prachtige post! ik ben blij met jou dat de prutsjes er weer bij mogen.

Leave a Reply