Rush

September 24th, 2015

‘Ik kan nu ook niet al-tijd thuisblijven hoor’, zuchtte ze duidelijk.
‘Het is niet omdat je je sleutelbeen breekt dat je kunt doen alsof het al-tijd vakantie is.’

Het leek berispend, op dinsdagochtend, mijn jongste dochter tegen mij.

Op maandagavond was ze een hoopje pijnlijke ellende, doodop van haar schooldag, en de preek die ik van haar kreeg was daar amper twaalf uur van verwijderd. We hadden beslist dat ze dinsdag niet naar school kon, dat we het doktersbezoek van woensdag wilden afwachten.

‘Weet je wel hoeveel ik moet inhalen?’, roloogde ze verder, alsof ze een hele agenda voor zich liggen had. ‘Weet je wel hoeveel wij werken op één dag, en hoeveel blaadjes ik zal krijgen van juf?’

Het is waar, zij krijgt, via de boekentas van haar zus, een hele hoop werkjes mee naar huis, die ze plichtsbewust met potlood afwerkt. Ze is nog maar vijf, zit in het eerste leerjaar en kan net wat letters van elkaar onderscheiden.

Mijn ander dochtertje, acht is ze net, ploetert zichzelf door de week, door het huiswerk en panikeert altijd lichtjes op donderdagochtend.
Op donderdag is er tekenles op school, en ze houdt er erg van, maar ja, wanneer moet ze dan al dat huiswerk maken, vraagt ze zich bezorgd af.
Ik zeg haar dat ik tekenen leuker en belangrijker vind dan stomme rekensommen, en ze giechelt dan, alsof zij degene is die dat net zei.
Dan legt ze uit dat ze blij en vrolijk wordt van het tekenen en knutselen en dat ze dat zo leuk vindt, maar ja, dat huiswerk he, dat moet ook af en dat lukt dan moeilijk en wanneer moet ze dat dan doen, eigenlijk?

Ik weet het hé, van het leven dat ook niet wacht en van de lessen die we onze kinderen moeten leren en dat ze zich ook later in bochten zullen moeten draaien om het rond te krijgen. Ik weet het, dat presteren veel beter wordt geacht in het leven, en dat een mens meer aanzien krijgt als hij teveel werkt, ik weet dat allemaal. Ik weet het van dat multitasking blablabla.

Maar begod, wat doen wij onze kinders soms aan?
Mijn dochters zijn (bijna) zes en acht en ik vind dat zij zouden moeten kunnen spelen als zij een ganse dag op school hebben gezeten. Gewoon spelen, knutselen, een beetje tijd verprutsen met dingen die zij graag doen. Want als wij het niet zullen zeggen, dat dat mag, dan zullen zij net als onze generatie worden, waarin ‘druk’ prestige is en waarin agenda’s en allerlei apps ons leven gemakkelijker moeten maken.

Ik vraag mij af of iemand daar eigenlijk intrinsiek gelukkig van wordt, van die rush.

Ik vraag me dat soms echtig eens af.

5 Responses to “Rush”

  1. Jan Says:

    Ons kind moet studeren dag aan dag
    ‘t Is een visselke dat niet meer zwemmen mag…

  2. Chrissie Says:

    Och ja, herkenbaar! Wat was mijn eigen jeugd toch zorgeloos daarbij vergeleken. Eindeloos buiten spelen en pas vanaf 12 jaar huiswerk.
    Maar ja, hoe gaan we dat nu nog terug draaien/doorbreken?

  3. Vink Says:

    Oh Marie. Ik heb precies hetzelfde. Nona is 11 ondertussen. En ze doet niks liever dan spelen, spelen en spelen. Echt nog kinderlijk spelen. De duplo’s werden hier afgelopen weken terug bovengehaald. Het is geen kind om uren en uren op schoolbanken te zetten. ‘Nog niet matuur’, zeggen ze over haar. Terwijl het gewoon een speelvogel is. En daar is in mijn ogen niks mis mee. Triest word ik er soms van. Hoeveel er ‘moet’.

  4. liese Says:

    brrr, ik vind dat ook niet ideaal hoor dat kinderen zich al zo’n vragen moeten stellen en al in de “druk druk druk”-modus zitten

  5. m. Says:

    oh, dat vind ik droevig! gelukkig geen huiswerk op de school van mijn kroost. na het vieruurtje jaag ik mijn kinders de tuin in of de straat op. heerlijk!
    ik denk/hoop dat er een tijd aan komt dat iedereen beseft dat huiswerk amper nog iets bijbrengt aan kinderen (ik denk zelfs dat dit al wetenschappelijk bewezen is) en dat huiswerk ongelijkheid in de hand werkt (dit is zeker al bewezen).

    tot die tijd: courage voor je kinderen en voor jou!

Leave a Reply