Verleden

July 6th, 2011

Hij is grijs en hij is geeneens vijfendertig. En hij blijft de schoonste grijze mens van vijfendertig en omstreken, zonder twijfel.

Hij torent boven me uit en als ik hem een zoen wil geven moet ik op de toppen van mijn tenen staan. Net zoals je een veel te hoge boom wil kussen.

We waren elkaar kwijtgespeeld. Er ging veel pijnlijks aan vooraf, voor allebei. Op een of andere manier. Maar omdat al dat pijnlijks nooit echt tussen ons was komen staan, was ik zo blij dat ik hem terugzag.

Voor een keer was uw madam Vertellementen niet aan het ratelen geslaan. Maar keek en luisterde ze met open mond naar hem. In het verleden was het altijd anders geweest, dan had ik getetterd en had hij een beetje gelachen en gezegd dat alles ok was. Ook als het niet ok was.

Nu was het goed. Ik voelde het van de eerste keer, en net daarom zat ik eigenlijk de hele avond te lachen. Van blijdschap en ontroering en geluk.

Voorzichtig toetsten we onze levens aan elkaar af. Of we spijt hadden van iets, en ons schuldig voelden. Wat ons blij maakt. Of het met mijn dochter ook soms zo moeilijk voelde. Wij hebben namelijk allebei een dochter, bijna even oud. De zijne turnkampioen, de mijne een accordeonster.

Het leek alsof ik vijftien was, mensen. Zo van dat goed vijftien, waarin de wereld nog moet opengaan en alles aan je voeten ligt. Alles wat je wil.

Een gedeeld verleden, waarin ik een klein meisje was en hij me eens zei – hij zal het niet meer weten, begod neen – dat hij wel voor mij zou zorgen. Hij was niet eens mijn lief, maar echt mijn moat. En dat zorgen, dat was toen nodig. Echt heel erg nodig, bij momenten.

Ik voelde het, gisteren, dat de littekens van de jaren en de pijn minder donker leken. Niet alleen de zijne, maar evengoed de mijne. Al zijn die van hem moeilijker te dragen, denk ik.

Het afscheid was niet eens raar, alleen een beetje pijnlijk. Omdat je een leven niet samenvat in tweeëneenhalf uur op een terras.

Ik pakte hem vast, die boom van een man, toen we vertrokken, en trilde een beetje om de levenslust die ik zag, en om de blinkeling in zijn ogen.

Go go go, moat. Ik sta aan de zijlijn, maar ik ben zo vereerd om daar te staan. Echt echt echt.

Ik schrijf het hier, omdat je het nooit zou vergeten, keirel, en ook omdat iedereen mag weten hoe goed het met je gaat.

7 Responses to “Verleden”

  1. Erika Says:

    Hey Marie!!

    Amai zeg! klees het hier met tranen in mijn ogen..
    Ben blij dat jullie goe kunnen tetteren hebben! Kdenk dat hij het nodig had, om nog unfinished business af te sluiten..
    Blij dat je hem ook nog in je armen sluit, en blij dat je ook vindt dat het goed met hem gaat.
    En zo breng je ook een glimlach op mijn gezicht!
    bedankt Marie!

  2. marie Says:

    🙂 🙂 🙂

  3. Kathy Says:

    Marie

    Ik sta niet dikwijls met m’n mond vol tanden, nu wel. En net als Erika, tranen, maar dit keer van geluk. Zo veel liefde, het zal dit keer lukken, ‘k voel het en Love means never have to say you’re sorry…
    Dank u.

  4. marie Says:

    De dank is voor u, dames. Met buiging en al.

  5. tony Says:

    Wel grappig dat iedereen “van de oude garde” na 8 woorden al direct weet over wie het gaat 🙂

  6. marie Says:

    Dat is zo hé Tony, met oude gardes.

  7. Belle Says:

    Super!!!

Leave a Reply