Volta

June 11th, 2011

Vertellementen doet, geheel toevallig en onverwachts, van foodie dit weekend. Gisteren naar Volta, vandaag de voeten onder tafel bij mama, en morgen ergens naartoe waarvan ik nog de helft niet ken.

Ik at gisteren bij Volta.

We lunchten en tetterden ondertussen bij.

Wat ben ik blij dat dat pand een nieuwe bestemming heeft.  De Groene Vallei deed voor de eerste keer zijn naam eer aan. Echt, als je aan het pad staat net naast het restauarant, lijk je niet aan dat grijze grauwe knooppunt van de Coupure en het Rabot. Nu nog dat afschuwelijk plein met de Carrefour verbeteren, stad Gent, en we zijn weer content.

Het fijne aan ‘s middags eten vind ik de sfeer die omslaat: om 12 uur zat ik nog aan mijn bureau, om 13 uur was het al weekend en proefde ik nieuwe patatjes en boontjes en spek. De plek leent hem ertoe, de inrichting doet een duw en de vriendelijke bediening de rest. En de kok, natuurlijk, die je vanuit de open keuken kunt gadeslaan. We hadden het erover: kijken naar de keuken werkt verslavend, maar het gesprek aan tafel kan de kluts kwijt zijn. Nu ja, wij deden van alletwee en omdat we morgenavond beiden met onze mama’s bij de grootmoeder gaan, gaf dat allemaal niet.

Het is een kunst: je klant in één twee drie in een andere sfeer brengen. Zeker bij de lunch, want die heeft dat nodig. Even eruit, wat eten en wat genieten en hup: back to reality. Wij namen verlof in de namiddag, dat wel, want wij zijn slecht in zulke dingen als hup-back to reality.

We namen het lunchmenu. Dat kostte 24 eur, en bestond uit 4 snacks en een hoofdgerecht. We kregen een attente ober, die vroeg of we onze cava samen met de hapjes wilden, of ervoor. Net als bij de koffie en het dessert. Dat is belangrijk, verdorie, en heeft niks met snobisme te maken. Als je koffie en dessert samen neemt, dan is je koffie koud tegen de tijd dat je, zoals in ons geval, uw rabarber en yoghurt en havervlokken hebt opgegeten. Nog nooit een keer gaan eten, aperitief bestelt, en drie slokken later uw soep al gekregen? Dat.mag.niet. Je doet dat thuis toch ook niet? Cava en soep samen drinken?

En daar stopt dan ook de foodie in mevrouw Vertellemeneten, want andere culinaire zaken kunnen me niet irriteren, enkel ontgoochelen.

Ik had geen irritatie dus, en werd evenmin ontgoocheld, gisteren, want na de cava en de snacks was ik nog altijd blij en ook al had ik niet echt meer honger, ik verlangde naar de pladijs. Pladijs, dat is mijn lievelingsvis ever. Ik krijg altijd een beetje een weemoedig gevoel als ik pladijs bestel en koop en bak.

De pladijs was met courgettes en walnoten en met een kruid. Dat kruid ben ik precies een beetje vergeten. Maar de combinatie pladijs en walnoten en courgettes en patatjes (heel heel dun) was goed. Een beetje hemels, zelfs. Ik ken niks van smaakpaletten, en toets geen borden aan hun verschillende componenten, maar ik zei ‘mmmmm’, en mijn nichtje ook.

We hadden eigenlijk al patatjes gehad, krieltjes, met boontjes en gebraiseerd spek. En patatten kunnen mij eigenlijk altijd blij maken. Ik hoop zo erg dat ik er krijg uit de tuin van mijn grootvader, want dat zijn de allerbeste patatten van de wereld. En die van gisteren ook wel een beetje. Njam patatten.

We wilden natuurlijk nog dessert nadien, en koffie ook. De koffie dronken we boven, in de bar, waar het een beetje donker was en we aan de toog nog wat verder tetterden.

En toen kwam Olli uit zijn keuken, om zijn koffie samen met ons te drinken. En een beetje te vertellen van de kersen die rijp waren, en die hij na de mis-en-place zou gaan plukken in de fruitgaard van de eigenaar. Waarom er komkommer en courgette op de kaart stonden, en de pladijs, en hoe spannend het is met zeer plaats-en seizoensgebonden producten te werken. We hadden het over werken werken werken en over hoe de lunchresto ‘s avonds een echt restaurant wordt. Hoe de tafels wat verder uit elkaar worden geschoven, en de sfeer wat intiemer is.

Ik hou van bevlogenheid. Ik hou van mensen die tussen de shiften door kersen gaan plukken. En van alle culinaire trends sta ik het meest achter de koks die lokaal werken. Dat is geen hype, dat is niks moleculairs, dat zijn verdorie pioniers. Die bevlogenheid, die delen ze met de mensen die de producten aanleveren. Zij die weten wat een koe is, hoe aardbeien groeien en waarom het vlees uit de nek van een dier zo sappig is. Met al dat light-gedoe en zo mager mogelijk, een mens zou vergeten dat een stuk vlees vet bevat.

Dus ik vind Volta geen posh, zoals ik hoorde. En ik vind dat ook niet teveel geld om te gaan lunchen. Ik snap dat u dat wel vindt, ten volste, maar als je tien euro geeft in het frietkot, kun je toch niet verwachten dat je hier voor 12 euro buitenwandelt? Er is de kantine van de universiteit, en er zijn restaurants genoeg waar ze pronken met goedkope dagschotels. Dan moet je daar gaan, als je van goedkoop wil. En wanneer er een nieuwe keuken/ nieuw restaurant is, moet je altijd een beetje tijd geven aan de mensen om i n te werken. Dat zijn van die waarheden die altijd gelden.

Bij Olli moet je niet komen voor goedkoop, je moet komen omdat je weet dat die mens achter zijn producten staat en elke minuut van zijn leven met zijn keuken bezig is. Omdat je weet wat je eet als je daar luncht en omdat het verdomd lekker is.

Ziezo, up to the next. Mijn foodie-weekend is goed begonnen.

3 Responses to “Volta”

  1. elke Says:

    Nog maar eens zo’n mooi gebouw (staat dit aan de overkant van de gevangenis? Overkant straat bedoel ik, niet persé recht ertegenover). En prachtig ingericht ook.

  2. marie Says:

    inderdaad Elke.

  3. elke Says:

    Sebiets gaat B naar de Volta, jaloers, jaloers, zeker nadat ik dit lees. maar zij had het meer verdiend dan ik 😉

Leave a Reply