Lichtmis I

February 2nd, 2011

‘Op Lichtmis is geen vrouwtje zo arm, of ze maakt haar pannetje warm’.

Moest ik dichter bij mijn metje wonen, ik zou geen pannekoeken bakken. Zij bakt de beste ever, en ik zou gewoon deze namiddag bij haar aan tafel aanschuiven. Maar ik woon niet dicht bij mijn metje, dus ik bak ze zelf.

Omdat traditie cool is.

En pannekoeken zijn traditie.

Pannekoeken: het recept voor 80 pannekoeken. (wat ik verdubbeld heb deze namiddag, ahum)

1 kg zelfrijzende bloem  – 2 l melk – 10 eieren (dooiers bij het deeg/de helft van de eiwitten stijfkloppen en er achteraf onder roeren) – fijne suiker naar believen (ik doe weinig suiker in mijn deeg, maar des te meer op mijn pannekoek) – klein beetje gesmolten boter – snuifje zout

Ik moet u toch niet uitleggen hoe je een deeg maakt hé. Je moet wel een goede pan hebben, een warm vuur en een vork met een doekje errond om de olie goed open te kunnen smeren in uw pan. Zo doet mijn metje dat al eeuwen en ik ben slim genoeg om dat kopiëren.

Suiker is ook traditie. Zeker als het potsuiker is.

Ik had een veelvoud aan pannekoekenbeleg, vanmiddag, omdat ik kindjes op bezoek had, en omdat er een gulle gever langs was geweest.

chocoladesaus, fruit, bleke potsuiker, bloemsuiker met een molentje en slagroom.

De kleinste ging resoluut voor slagroom. Ze krijgt dat nooit en als je de kat bij de room zet, dan weet ze het wel.

De 3 pubers gingen voor het molentje. ‘Dat is gelijk in een restaurant, mama!’ ‘En je kan daar niet mee morsen.’ Ik wist niet eens dat zoiets bestond, maar ik ben blij dat ik het in mijn kast heb, want ik gebruik veel poedersuiker op mijn taarten. En ik foeter elke keer als ik dat kleine doosje in mijn handen heb. Omdat dat een vieze boel is, en klontert als het net niet mag.

Chocoladesaus en fruit werden compleet genegeerd. Vreemd.

De potsuiker had ik bijna voor mijn eigen gehouden. Want ik vind pannekoeken met potsuiker één van de dingen waardoor het leven de moeite waard is. Net als ovenkoeken uit Poperinge met potsuiker. Of rijstpap van de vent van de collega met potsuiker. Oh my.

Ik maak alleen maar reclam voor goede dingen, dat weet u ondertussen wel. Bij deze: Tiense Suiker, ge moogt nog een keer langskomen. Zeker met molentjes en suiker met de mooiste verpakking van het kindje dat altijd lacht en altijd suiker eet. Verandert niet van verpakking, want ze is ook traditie en ik wil ze ooit aan mijn kleinkinders kunnen tonen.

En nu eens kijken wat de Ijverige Wijven daarvan vinden vanavond sie. Want naast naaien kunnen wij ook goed snoepen hoor.

10 Responses to “Lichtmis I”

  1. Juffrouw Baele Says:

    Wij zeggen daar thuis “kinnekessuiker” tegen.
    Smakelijk!

  2. elke Says:

    haha, ik ging net zeggen: wij zeggen dat ‘kiendjessuker’ tegen 🙂
    Maar een vriendin van mij noemt dat ook potsuiker

  3. nele Says:

    heb jij 160 pannekoeken gebakken zeg!? wauw
    en ja, kinnekessuiker hier. dus nee, ze mogen de verpakking niet veranderen 🙂

  4. Polkadotjes Says:

    Ik ken dat als ‘paloesuiker’…geen idee waarom.
    En serieus…160? Zottekes!

  5. tante Ingrid Says:

    Ik doe er soms geen suiker in, zo kan ik die pannenkeken dan ook gebruiken als voor- of tussengerecht.

  6. tante Ingrid Says:

    Weet je ik vind die spreuk ook zo mooi : heel envoudige dingen die het leven aangenaam maken, een tool off togheterness geven, bijna niets kosten.Belangrijk dat we aan die kleine dingen aandacht schenken…ze vormen de ruggegraat van ons familiaal en sociaal leven.Of niet soms?

  7. Sarah Says:

    Respect.
    160 pannenkoeken jong.

  8. mamasha Says:

    Oh neen!!!! Nu pas heb ik dus door waarom ik, zelfs met heel krachtig schudden, zo weinig poedersuiker uit dat molentje kreeg. Ah ja een molentje. Volgende keer draaien dus! Want ze waren lekker en dus voor herhaling vatbaar ;-).

  9. animuz Says:

    Ze waren erg lekker! Merci daarvoor!

  10. Janina Modaal Says:

    Wij vonden dat fantastisch, die pannekoeken!

Leave a Reply