Het was op nieuwjaarsdag dat mijn schoonbroer het ons toevertrouwde, fluisterend: ‘Morgenochtend, voor je hier komt eten, zo rond een uur of elf, moet je eens tot bij Paula’s komen. De kinderen zijn hier toch druk aan het spelen, geen mens die er op let dat jullie er eventjes niet zijn.’

En dat was dus wat wij deden, gisteren. Gaan nieuwjaren ‘In het Paradijs.’

Met een schotel witte worst en bloedworst en bier dat in een rijtje stond. En cola voor de mietjes zoals ik, die niet houden van bier voor de middag. Veel mietjes waren daar echter niet te bespeuren, want ook al was er geen tap, het bier vloeide rijkelijk.

‘Zet hier nog een keer een rondje, Cuyper’, vroeg men om het kwartier, want in de Westhoek is het niet zo vreemd dat men op zondagochtend gaat pintelieren. Zo onder de kerktoren en al.

Oef, dacht ik terwijl ik daar aan de toog zat, zo tussen wielrenners, oude mannen en camionchauffeurs, dit is echt. Want met al dat hip cafégedoe zou een mens een beetje vergeten waar het echt om gaat. Mannen die kaarten, bulderlachen en het nieuws van het dorp bespreken. Vrouwen die een beetje zurig kijken en porto drinken, misschien zelfs met een breiwerk op de schoot. Een cafémadam van over de tachtig en een schoonbroer die haar ‘domestic’ is, zoals ze mij plechtig zei. Onze Thierry gaat van tafel naar tafel, brengt bier aan, sleept bakken weg, haalt IceTea uit de veranda. Het toilet is echt op de koer, kraaknet, en tussen de koeievelden. Mijn lieve lieve schoonbroer en zijn zondagsochtendmissie. Geen wonder dat die mens niet op tijd thuisraakt op de noen.

Toen geraakte ik aan de praat met de camionchauffeur die al 43 jaar op de baan leeft. Over de rauwheid van zijn job, de eenzaamheid, de jonge cowboys op de weg en de erbarmelijke douches. ‘Ik wil een keer mee, keppe’, zei ik tegen Jan terwijl ik zijn hand kneep. ‘Doe maar’, zei mijn lief, want mijn lief gunt mij altijd alles. De chauffeur vertrekt minstens voor een week, soms wel voor veertien dagen, het hangt af van zoveel. Ik ga mee en tetter de ganse dag, want met zoveel eenzaamheid kun je dat wel verdragen. Ik kijk ook rond, hij pikt zorgvuldig andere chauffeurs uit, die dan met mij een keer een uur zouden willen praten. Zo ik en hij en het verhaal over de weg en de camion. Oh joh, ik zie het zo voor me, zo ik, mietje, omringd door een bende mannemensen. Ik zou alles opschrijven en herwerken en uitschrijven en ik zou ondertussen eens heel lief vragen aan Jimmy Kets of hij niet mee wil. Want eigenlijk is het fotografisch, wat ik zie, jammergenoeg ben ik geen fotograaf. Ik schrijf alleen maar een heel klein beetje.

Ziezo, u kent mijn droom nu ook. Nu nog een gat van een week of 2, zo voor het einde van 2013, want dan gaat mijn wegkameraad in pensioen.

Spannend, spannend, spannend.

5 Responses to “De missie van mijn schoonbroer en van mij – Cafémadammen Part IV”

  1. Tess Says:

    Lijkt me een geweldig plan!

  2. Sarah Says:

    Ik heb nog een “Bon goed voor een consumptie” in ‘t paradijs,gekregen van mijn collega die iedere woensdag en zondag gaat om een beetje te kaarten! Kijk al uit naar je reisverhaal…

  3. nele Says:

    ik zie het zo voor mij 🙂

  4. Marie Says:

    Sarah, je meent het. Allee, we moeten samen eens gaan hé.

  5. Cohen, June O. Says:

    What’s Going down i’m new to this, I stumbled upon this I have found It positively helpful and it has helped me out loads. I hope to contribute & assist other users like its helped me. Good job.

Leave a Reply