Armoede en het verzet ertegen

October 17th, 2010

Er zijn zo van die beloftes die een mens aan zichzelf maakt als hij klein is. Of toch als hij nog niet zo slim is als later. Die beloftes onthaal je dan later bij jezelf door eens een glimlach te onderdrukken en te denken dat een mens al eens verandert, gewoon door te leven.

Sommige beloftes, echter, blijven hangen. Sluimerend, en af en toe steken ze de kop eens op.

Ik was vijftien toen ik het besefte. Ik herinner mij de geur van de bank waarop ik zat. Ik herinner me de zon, de temperatuur en de klanken van de stemmen van de mensen rondom mij.

Ik zal armoede altijd erg vinden. Ik zal het nooit normaal vinden dat mensen moeten rekenen en rekenen om de maand rond te komen, hopend op geen doktersbezoek, ik zal kans-armoede altijd verschrikkelijk vinden. Ik hou er altijd mijn ogen voor open, mijn hoofd ook. Ik probeer niet in clichés te vervallen, zoals Dimitri Verhulst zonet zo schoon zei op Radio 1 deze ochtend. Ik hou van mensen die vanuit ervaring, mits wat geluk, zelf kunnen spreken later. Omdat ze plots een stem gekregen hebben, door toeval. Doordat ze schoon kunnen schrijven, bijvoorbeeld.

Ik heb dat ooit aan mezelf beloofd, en ik zal dat altijd blijven beloven. Net zoals ik initiatieven zoals ‘ik leef een week lang met alleen 50 euro, in het kader van de week tegen armoede altijd een beetje dubbel zal vinden. Een beetje lacherig ook, net omdat het niet mogelijk is om dat na te spelen. Armoede is geen theater, toch.

11 Responses to “Armoede en het verzet ertegen”

  1. Oontje Says:

    Wat mij dan weer met de neus op de feiten drukte was dat die mensen zeiden dat armoede meer was dan geen geld hebben. De gevolgen daarvan op sociaal vlak leken zij – begrijpelijkerwijs – nòg erger te vinden. Ik denk dat het moeilijk is om net dàt te zien. Maar je hebt wel gelijk, zo even armoede naspelen, dat lijkt nergens naar, net omdat het zoveel verder gaat dan ‘even geen geld hebben’.
    Hebben we eigenlijk al een initiatief/goed doel gevonden voor ons geld?

  2. Tess Says:

    Ik ga nooit het gezicht van de man vergeten op de Meir toen ik hem mijn Chacha (ja een stomme Chacha) gaf. Echt Marie, ik kon beginnen bleiten, zo oprecht gelukkig dat hij daarmee was.

    Ik heb het ook moeilijk met het feit dat er mensen zijn die elke eurocent vierdubbel moeten omdraaien voordat ze hem kunnen uitgeven. Ik zou daar graag iets voor willen doen, maar ik weet nooit wat. Geld storten, allemaal goed en wel, maar ik vind dat zo vergankelijk… (ook al is het noodzakelijk natuurlijk).

  3. marie Says:

    Oontje, gelijk heb je. Dimitri Verhulst had het over échte kans-armoede, en dat is het vaak, meer dan gewoon arm zijn. De kansen die je niet krijgt, en nooit zult krijgen.
    Hij vertelde ook over de moeder die haar zoon liever géén Plopsa-boekentas (die ze gekregen had, nb) meegaf, alleen al omdat ze dan moest uitleggen hoe het zat. Om niet weer het verwijt te krijgen: ‘Ze hebben geen geld, maar wel geld voor een boekentas van Plopsa, of voor een gsm…’
    Tess, het siert jou, het siert jou enorm. Jij kunt het contrast nu wel zien, daar ver ver weg.

  4. cica Says:

    Zo’n 10 jaar geleden zat ik in zo’n zwart gat van armoede…..geen frank op zak , werken na de schooluren tot een stuk in de nacht en in de weekends enkel en alleen voor een dak boven het hoofd. Putteke winter. Geen sociaal leven , da’s nog het ergste ! elke 100 frank die ik wekelijks had ging naar een potje appelmoes met een stokbroodje. Dat was mijn eten , maanden aan een stuk. En je ziet , ik ben eruit geraakt!

    Regelmatig geef ik een som aan mensen die het echt kunnen gebruiken , in het verleden zelfs aan opvang ouders die op den duur geen voeding of pampers meer konden kopen. Armoede , je moet niet ver kijken om het te vinden.

  5. i. Says:

    Bij mij zijn het de kinderen. Ik kan er niet tegen dat kinderen niet alles hebben wat ze nodig hebben. ik heb jaren op het meisjeshuis als vrijwilliger gewerkt, in de study-coaching. (zie http://www.vzwjong.be/) Sinds mira en de drukke job kan ik dat niet meer, maar ik blijf wel betrokken.
    Mijn idee over wat ge zelf kunt doen, is doen waar ge zelf goed inzijt. Geld geven is bij mij zelden een optie, maar ik kan goed uitleggen, dus deed ik die study-coaching. Als iemand een oude computer over heeft, dan vraag ik die af, en lap die op. En dan geef ik die aan vzw jong. zo’n dingen.
    En ik praat erover met mijn studenten, veel, elke les. Probeer hen bewust te maken van de niet evidente thuissituatie van veel kinders. We hebben er dan drie jaar geleden een vak van gemaakt. Het klinkt misschien zweverig, maar ik geloof daarin dat dat echt helpt.

  6. marc ogiers Says:

    Ik vind het toch dubbel.
    Enerzijds is het onrechtvaardig dat er mensen op het scherp van de snede moeten leven en moeten krabben om rond te komen.
    Anderzijds moet de maatschappij haar burgers toch niet pamperen en behandelen als kleine kinderen. Een beetje zelfredzaamheid kan toch ook niet verkeerd zijn.
    In elke samenleving is er steengruis. ZELFS in de onze, die al zo geweldig uitblinkt qua sociale zekerheid.

  7. Els Says:

    Armoede…ik vind het ook een dubbel gegeven.
    Ik heb het moeilijk met het feit dat zaken onder je neus gebeuren zonder dat je het eigenlijk écht goed ziet, ik heb het moeilijk met de ongelijkheid.
    Ik voel ook zeer goed in wat Marc schrijft: verantwoordelijkheid nemen is soms zo moeilijk voor onze huidige maatschappij, introspectie soms onmogelijk.
    Het gaat er volgens mij over dat er verschillende manieren zijn waarop je in armoede geraakt. Ikzelf zie op dit eigenste moment iemand van dichtbij in de armoede belanden zonder dat ik ook maar zin heb om er nog maar iets aan te doen, ik heb er al zoveel energie in gestoken. Allemaal verloren, tot grootste frustatie van mezelf.Sommigen vinden dat effectief alles moet kunnen.
    Dan heb je ook de mensen die om helemaal andere redenen in de armoede geraken zoals bvb gezondheidsproblemen, ferme tegenslagen zonder eigen aandeel. En daar, daar heb ik het moeilijk mee.Zeker voor de kinderen, blanco en onschuldig.
    Proficiat, Cica, dat je jezelf eruit gevochten hebt. Dat moet bergen moed en energie gekost hebben.
    Ik kan heel hard appreciëren wat i. schrijft. Dat is ook de manier waarop je mensen echt helpen. Het doet me denken aan de filosofie van Moeder Theresa…ja, i. misschien win je wel nog de nobelprijs voor de vrede ;-)!
    Het laatste woord is zeker niet gezegd over armoede in onze welvarende maatschappij…

  8. Marie Says:

    i., ge zijt mijn held. Dat is helpen, inderdaad.

    Maar steengruis, Marc, dat vind ik een beetje kort door de bocht. En wat verpampering aangaat, hm, daar denk ik nog eens over na. Ze bestaat, zeer zeker, maar het maakt mijn verontwaardiging over armoede er niet minder groot om. Ik ken kinderen uit de marge waar verpampering niet aan bod komt, niet vanuit het systeem en ook niet vanuit de thuissituatie. En net daar loopt het vaak mis. Al lang voor mensen in dat verpamperingssysteem zitten. In de lagere school, al vaak in de kleuterklas. En dat is altijd schrijnend, en nooit dubbel. En altijd aan te klagen.
    Els, ik snap je, ik denk er vaak ook zo over, en ken de frustratie als je je best doet, en het lijkt niet te helpen.

  9. marc ogiers Says:

    Niet dat ik mij nu ga verdedigen, Marie, maar het woord was welgekozen. Het past in het beeld van een wereld waarin chemische reacties niet perfect verlopen en af en toe wat residu achterlaten. Dat is spijtig genoeg een stuk fatalistischer dan jouw heroïsche engagement, dat ik zeer bewonder. In mijn wereldbeeld is armoede het gevolg van overbevolking en hierin ingrijpen is de enige oplossing op lange termijn.

  10. lise zeeduivel Says:

    Ik volg deze blog al een tijdje. De sappigheid van de ‘posts’ – en geassocieerde comments – kan me best bekoren. Of hoe mensen in deze versnelde wereld oog blijven hebben voor detail. Deze blog leert me dat biografieën zich voornamelijk onderscheiden juist door toedoen van deze zogenaamde ‘pietluttigheden’. Zeer boeiend allemaal. Een welgemeende merci, Marie! Dat ik ooit zelf een reactie zou achterlaten stond vast. Enfin, het is zover. Dat dit voor het eerst gebeurd bij deze log – Armoede en het verzet ertegen – is eerder toevallig. Al moet ik in dezelfde adem eraan toevoegen dat maatschappelijk geladen thema’s me ‘ietwat’ meer aanspreken dan pakweg het verschil in chemische samenstelling van twee soorten buitenbanden. Met ‘ietwat’ poog ik m’n vatbaarheid voor de relativiteit van zowat ‘alles’ te onderstrepen. “Thinking about the meaming of life and other trivialities”… is dan ook één van mijn favoriete bezigheden. Relativiteit, of hoe zaken/ideeën zich tot elkaar verhouden: allemaal veel te complex voor mijn beperkte brein, vandaar mijn neiging om dingen tot in het oneindige op te splitsen en zodoende de interpretatiegevoeligheid van die ‘dingen’ weg te nemem. Zo ook kan met het begrip ‘armoede’ alle kanten uit. ‘Armoede’ is duidelijk relatief. Hoe benaderen we dat begrip? En hoe benaderen we gerelateerde begrippen als oorzaak en gevolg, pamperen, eurocenten, chacha’s, appelmoes, weerbaarheid en steengruis? Hoe wordt dit alles gedefinieerd, geïnterpreteerd en gerelateerd? Misschien vanuit familiaal oogpunt. Confronteren we onze kinderen met deze soms niet zo fraaie wereld ter bevordering van de weerbaarheid? Of doen we lekker alsof onze neus bloedt? Doosje kleenex bij de hand. Minder micromatig is het maatschappelijke/politieke niveau. Dat daar inzake bestrijding van armoede een taak is weggelegd staat buiten kijf. Resterende vraag is: hoe? Als Belg hebben we daar tegenwoordig massaal een ‘eigen mening’ over. Moet het een oneindige vanzelfsprekendheid worden of hoort een overheid z’n onderdanen te wijzen op de individuele verantwoordelijkheid? Maw, wordt het ‘pamperen’ of ‘responsabiliseren’? Wat het ook moete zijn, vast staat dat de invloed en inbreng van het individu beperkter is dan in familiale kring. Natuurlijk zijn er ook nog de Pakistans en Haiti’s van deze wereld. Nog minder individuele invloed, nog meer globaal georganiseerde aanpak. Voor m’n eigenste zelf meen ik hier te mogen vaststellen dat het ‘besef’ van het bestaan van soortgelijke armoede, hoe goedkoop dat ook mag klinken, belangrijker is dan wel het uitschreeuwen van grote woorden en theorieen. Onlangs realiseerde ik me dat ik na het drinken van een halve liter water de daaropvolgende ‘kleine boodschap’ met acht liter drinkbaar! water doorspoelde. Dat doorspoelen deed ik met dezelfde evidentie waarmee meerdere Pakistaanse medemensen de dood door uitdroging zijn gestorven. Of hoe armoede inderdaad ‘dubbel’ kan zijn…

  11. Marie Says:

    Marc, ik weet het, je houdt er een andere visie op na. Evenveel respect, we babbelen nog eens na in het echt hé.
    Lise: welkom, trouwens! Commentatoren zijn altijd welkom, zeker als ze eens nadenken voor ze schrijven. En anders ook.

Leave a Reply