De zotste garçon van Gent en Oost-Vlaanderen, vermoed ik.

Als je eens een uurtje tijd hebt, het liefst op een vrijdagnamiddag, dan moet je je , bij mooi weer, eens aan de toog van café Marimain gaan placeren. Véél studenten en dure drank, maar bon, het kan ook niet altijd rozegeur en maneschijn zijn hier.

Daar onze goeie vriendin Greet er de plak zwaait, zijn wij nogal vergevingsgezind als het op dergelijks aan komt.

Hoop, hoop echt keihard, dat Olli er werkt die dag. Ik moet u geen beschrijving geven, noch details, u zult het zo wel merken, als hij er is.

Het is de meest vreugdevolle, joviale mens die ik op de hele wereld al heb ontmoet. Ik ken hem niet goed genoeg om mijn hand in het vuur te steken, maar toch, je zult een instantgeluksgevoel krijgen als je ook nog maar 1 minuut naar hem kijkt. Je moet niet eens met hem praten om vervuld te zijn van een ongelooflijke energie, waarmee je gelijk welke berg in Gent op zult fietsen zonder miserie.

Geen wonder dat ik die mens op mijn trouwfeest heb uitgenodigd.

 

Twilight.

June 3rd, 2011

Anouk heeft Twilight gezien. Niet met mij hoor, nee, nummer 1 en 2 bij mijn mama en vervolgens film nummer 3 in de mobilhome van mijn tante. En vervolgens nog eens alle 3 bij het vriendinnetje.

Sedertdien hangen er Joepie-Posters in haar kamer van vampiers. Schrik niet, Clarisse slaapt er ook, dus de posters zijn niet al te angstaanjagend. Witte huid, schoon gezicht en zo’n eindeloos droevig gezicht van een vampier die er eigenlijk geen wil zijn. Taylor Lautner, hoor ik langs alle kanten van de dochter, niet omdat ze hem knap vindt hoor, neen, omdat haar vriendin later naar Amerika verhuist om met hem te huwen. Oef, dacht ik, de dochter die trapt niet in dat gedoe.

U dacht het maar.

Al weken smeekt ze om de films opnieuw te zien, samen met mij. Please, mama, het is met een heel klein beetje bloed maar héél véél mooie mensen, en het verhaal is zo goed dat ik de film wel 10 keer zou willen zien. Ze was niet bang, neen, totààl niet, maar ze durfde wel niet echt meer alleen naar het toilet. Wat ik begrijp, want als ik naar Wire in the Blood kijk, moet ik elke keer Jan wakker maken als ik moet plassen. Wussies hier, zoals u kunt zien.

Nu, omdat de kleine dametjes de grootste helft van mijn tijd opslorpen, en ze zojuist haar kamer picobello had aan de kant gezet (sterk overdreven, maar kom, in verlengde weekends zien wij al eens wat door de vingers), had ik de Belofte gedaan.

Drie Twilight-films in één weekend, dit weekend, zij en ik alleen. Ik, die bijna nooit meer naar films kijk, en ik die al helemaal niet graag naar tieneridool-films kijk.

Maar dat we gisteren moesten babysitten om de hoek, dat scheelde. ‘Oh mama, ze hebben daar zetels, en dan kunnen we gewoon zitten en kijken’.

‘Je mag me het verhaal niet op voorhand vertellen, schatje,’ beveelde ik rustig, ‘anders lees ik de Feeling terwijl jij kijkt’.

Met haar lippen op elkaar geperst zat ze het begin af te wachten, gaf af en toe een kreet, vroeg halverwege de film of ik mee wou naar het toilet en giechelde een uur en half aan één stuk door. ‘Je ziet dat ik hem ken, hé, de film, je moet echt niet bang zijn, mama, alles komt goed.’ In overdrive vertelde ze kort wat er allemaal zal gebeuren in film 2 en film 3, maar kom, het was verlengd weekend.

‘Wie vindt jij de knapste?’, fluisterde ze tijdens een stil moment.

‘Edward’, zei ik, en dat was het antwoord dat ze uiteraard verwachtte. Ze zuchtte, zoals alleen pubers kunnen zuchten als ze verliefd zijn op een filmster.

‘Of neen, James eigenlijk, die stoute’, veranderde ik van mening. Wat ze niet verwacht had, en wat met tegenargumenten onmiddellijk teniet werd gedaan.

Ze vond het wijs, zo samen film kijken, en ik minstens even gezellig.

Vanavond, deel 2. ‘Met popcorn’, voegde ze er stilletjes aan toe. ‘En we gaan eerst plassen, voor we de film aanzetten.’

In de reeks ‘Gent zoals u het nog nooit zag’ presenteer ik u de beste garçon* van Gent.

David en ik werkten ooit een tijd samen. Hij ervaren, ik niet. We deelden de toog in een golfdinges, en ik moet u geen tekening maken van het volk dat naar golfdinges gaat. U komt daar wellicht niet, en als u daar al komt, dan bent u uiteraard van de betere soort. Om maar te zeggen: als je snobisme en arrogantie wil spotten: golfdinges was the place to be. Gelukkig hadden wij wijze vaste klanten, die er een erezaak van maakten mij naar huis te voeren. In een chique Mercedes, met lederen zetels, maar altijd met een oprechtheid om U tegen te zeggen. In een golfdinges heb je niet alleen maar arrogantie, dat spreekt. Enfin, om een lang verhaal kort te maken: wij hadden daar goede tijden, wij. Een voortreffelijke baas, een ruime toog, en mekaar om mekaar te helpen. We konden gniffelen achter de bakken, en lachen met de absurde verzoeken van de dames die er hun vrije tijd spendeerden. Hij hielp altijd met bakken sleuren en vaten verversen en als er een berg afwas stond, was die zoveel korter als we met twee waren. Ah, de gouden tijden met de kameraad in de golf.

Wij zouden mekaar wellicht niet weer zien, als we er stopten met werken, omdat onze levens te veel verschilden en omdat we gewoon maar collega’s waren. Tot ik hem enkele jaren geleden op een keer spotte in café den Turk. Waar hij is blijven plakken.

Je moet er op een wekedag gaan, want dan werkt David, het liefst iets voor de middag, als het café wakker wordt, en de bourgeoisie er zijn aperitiefpint komt pakken. Je zult er Gents met een Frans accent horen, en veel nette oude meneren, en voor je het weet zit je verwikkeld in een gesprek over de verbouwingen op de Vrijdagsmarkt.

Als je gaat, stoef dan met hem en zeg dat hij er zo gespierd uitziet. Doe hem ook de groeten, en zeg hem dat ik wou dat ik erbij was geweest.

De volgende keer: de zotste garçon* van Gent.

Mijn voorliefde voor cafés zul je erbij moeten nemen, bij het lijstje. Maar het is écht geen alleen-maar-cafés-lijstje geworden. Op één en twee en nog enkele nummers na. Oh, u weet toch wat een garçon is, niet?