Ijs

March 12th, 2010

We liepen op hetzelfde pad als gisteren.
‘Waarom lach jij met je ogen?’, vroeg Anouk.
Betrapt wees ik naar het reclamepaneel, over ijs.
Ijs en wafels doen mijn altijd aan mijn grootvader denken. Altijd.

Over hoe ik de laatste keer alleen met hem was. In een brasserie op de Ieperse markt. Mijn grootmoeder had hem met de auto tot daar gebracht, want hij en ik gingen samen een ijsje eten. Hij at namelijk graag ijs, wafels en pannekoeken. Op een terrasje. Met een koffie erbij.
Mijn grootmoeder vindt dat een beetje geldverspilling, en ze doet dat ook niet graag.
Dus als ze dat deed, was dat om hem te plezieren.
Net als de koffie die ze thuis voor hem zette, met versgemalen bonen. Een een koekje, of wat ijs.

Maar nu ging ik met hem op café. Hij wist bij momenten al niet meer goed wie ik was, en soms keek hij door me heen, als we samen waren. Hij gaf een hand die kneep, alsof hij bang was. Voor de wereld, niet voor mij.

We zaten samen in de hippe brasserie, en we konden weinig babbelen, want zijn wereld was de mijne niet meer. Ik zei dat het ijs, of de wafel, lekker waren, en dat ik dat leuk vond. Hij vroeg waar het toilet was, en wanneer zijn Jane terug zou komen.
Toen keek ik naar hem, en hoe hij dat lekkers met zoveel smaak verorberde. Toen keek ik ook naar hem om te zien dat hij al een beetje weg was.

‘Mag ik er nog één?’ vroeg hij, toen de laatste hap ijs in zijn keel verdween.

‘Neen’, zei mijn hoofd, want mijn meter had me op het hart gedrukt dat hij er maar één mocht.
‘Ja’, zei mijn hart, want dit wordt misschien zijn laatste terrasje.

En mijn hart, dat is op zulk moment zoveel sterker dan mijn hoofd.

Toen bracht ik hem terug. Naar zijn haven, naar zijn veiligheid.
Het was de laatste keer samen, wij twee. In het leven dan toch. Het echte leven.

Nu de zon hier zo binnenschijnt, en ik er nog eens terugdenk, gaat mijn hoofd naar een terrasje. En hoe graag ik nog één keer een ijsje met hem zou eten, zo wij twee. In 2 werelden, maar toch.

‘Eigenlijk lach je niet’, zei Anouk nadat ik dat allemaal aan haar had verteld, ‘maar je weent. Maar het is wel van geluk, hé. Omdat je mij nog hebt, en daar blij om bent.’

Toen draaide ze zich naar me toe, gaf me een zoen op mijn wang en liep de speelplaats op.

Tja.

March 10th, 2010

Wij zaten hier gisterenavond gewoon aan tafel te eten, wij vijf.
Het was 18.20u of zo.
Anouk haar huiswerk was achter de rug, Clarisse zat nog net niet in haar pyama en mijn was had al gedraaid.

Dat ik het fijn vond, dat abonnement op de Standaard, dat ik van mijn tante voor één maand had gekregen. En dat ik zo blij was om wat tijd te hebben voor de krant zo in de vroege ochtend. Dat de krant mijn blik verruimt, en dat dat deze week al 2 keer was gebeurd. Enkel en alleen door te lezen. Dat ik een jaarabonnement wel zag zitten, dat zei ik ooit. Maar dat ik ook wel eens graag de Morgen lees, en dat er dus nog wat moet nagedacht worden. Maar of dat abonnement er komt, dat ligt in mijn handen. Want Jan die kan niet meer op het forum van de Standaard, wegens onbekende reden, en hij is daar eigenlijk wel wat ontgoocheld over.
Maar bon, ik wou het daar niet over hebben.
Ik had het artikel van Mia Doornaert gelezen, en ik vond de reactie van Valerie Droeven interessant.
Dat was wat ik zei aan de tafel.

En toen ik deze ochtend naar huis wandelde met een baby op mijn buik, moest ik daar nog wat verder over nadenken, gelijk. Over wie er nu eigenlijk juist was. Of toch het meeste juist, dan. Toen las ik eerst nog een keer wat i. daarover schreef, of toch hoe zij dat ervaart als jonge moeder.

Kijk, ik weet niet of het hier om een algemene situatie gaat. Ik ben ervan overtuigd dat statistieken inderdaad aantonen dat vrouwen sociaal gezien minder rechten hebben, ik ben er zelfs van overtuigd dat je met statistieken alles kunt aantonen.
Alleen weet ik niet of elke vrouw zo misnoegd is als mevrouw Doornaert.
Want zeg mij een keer hoe je die sociale ongelijkheid zult veranderen? Hoe je ervoor zult zorgen dat vrouwen evenveel rechten en kansen krijgen om zich professioneel te ontwikkelen. Is het al niet allemaal een beetje genoeg geweest?
We komen van zover, in nog geen vijftig jaar. Hier in het Westen toch.
Mijn schoonmama moet het nog altijd een plaats geven dat het lief van haar kleinzoon zijn appartement niet opkuiste.
En ze is er nog maar goed de zeventig gepasseerd. Want kuisen, dat is vrouwenwerk, denkt zij. Net als koken, wassen en strijken.
Dat het er hier wat anders aan toe gaat, daar kijkt ze bewonderend naar. Bewonderend naar haar zoon, die ‘toch zo goed kan koken voor een man’. Of nog ‘dat ik geluk heb dat hij mij zoveel wil helpen’.
Dat hij evengoed content mag zijn dat ik zijn was doe, snuif ik dan, en dat hij mij niet helpt, maar dat wij dat hier delen. Het is geen gunst, maar een vanzelfsprekendheid.
Maar ik snap haar wel, want zij heeft dat zo geleerd. Net als het feit dat borstvoeding niet goed kan zijn.

Mijn kinders gaan daar niet van wakker liggen, van mannen die helpen in huis. Zij zullen dat als een evidentie ervaren (hoop ik). Gewoon, omdat zij dat hier gezien hebben, en niks anders. Een vanzelfsprekendheid.

Natuurlijk zaag ik daar op tijd eens over, over hoe hij alles achter zich kan laten en zich volledig kan smijten in wat hij doet. Dat hij op café naar de voetbal gaat kijken, en op vrijdag graag gaat kaarten. Dat hij sukkelt met baby’s aan te kleden, en altijd verweesd kijkt als ik twee dingen tegelijk doet. Maar hij heeft meer geduld, kan beter troosten en is degene die zich over moeilijke vraagstukken buigt. Hij zet de vuilnisbakken buiten en doet van die vervelende dingen waar ik geen verstand van heb.

Kortom, ik vind het artikel van mevrouw Doornaert een beetje kort door de bocht. Ik dank de feministische beweging op mijn blote knieën dat ik als vrouw meer rechten heb. En dat ik daar niet eens voor heb moeten vechten.
Maar vrouwen willen zoveel.
En ik ben bang dat volledige sociale gelijkheid ervoor zal zorgen dat vrouwen nog meer moeten, en vooral, nog meer zullen willen. En bijgevolg, steeds misnoegder zullen zijn. Want wees eerlijk, vrouwen zullen alsmaar meer moeten combineren dan.

Ge kunt het nu eenmaal niet allemaal hebben, denk ik dan.
Dat is een waarheid die ik koester.
Want er is één groot verschil tussen mannen en vrouwen: dat is dat ze anders zijn.
Gewoon anders.
En met een beetje goede wil komt een mens al ver. Veel verder dan met duidelijke statistieken.

Pure Poëzie

March 8th, 2010

(Voor de vriendin die wel weet waarover het gaat)

Kobe kan toveren met eten.
Kijk maar.
Of beter nog, ga er eens eten.
Terwijl je er dan toch bent, slaap er misschien ook.
En als je er dan toch hebt gegeten en geslapen, dan kun je er misschien ook gaan wandelen. Niet van moeten, maar van gewoon doen. Je kunt er zelfs wat verdwalen, daar in de schoonste streek van de Vlaanders. Je moet beslist eens naar Kemmel wandelen, brood kopen in de bakkerij in Dranouter en in één van de typische cafeetjes iets gaan drinken.

Je kunt er zelfs je hart verliezen.
Geniet ook daar maar van.

Kikker

March 7th, 2010

Max Velthuijs is een meneer met een grote M.

Hoe hard ik Gerda Dendoovens werk bewonder, hoe stapel ik loop van dat van Carll Cneut.
Hoe meesterlijk ik andere illustratoren bewonder die zowel illustreren als schrijven.

lk keer altijd terug naar Kikker. Mijn dochters – godzijdank – ook.

En toen

March 3rd, 2010

Toen waren we een half uur verder en had ik dit allemaal gedaan:

Erwtjes en kervel uit de diepvries gehaald.
Water opgezet om de erwtjes te koken.
Wortelen geschild. En in schijfjes gesneden.
Veel ajuin gesneden.
Ajuin laten stoven in wat olijfolie, in 2 aparte kommen.
Wortels mee laten stoven in kom.
Eén prei gesneden. Mee laten stoven in kom 2. Eén aardappel schillen en in blokjes snijden. Bij prei kieperen en overgieten met water. Bouillon toevoegen.Laten koken.
Erwten in kokend water en ondertussen banaan, druiven en kiwi gepakt.
Beginnen aan een potje fruitsla/Roeren in mijn kommen.

Erwten bij de wortelen kieperen. Kruiden. Nog eventjes laten stoven.
Klaar.

Soep mixen en terwijl ze heet is er de diepgevroren kervel bij gooien.
Kruiden en klaar.
Dochter appelsien laten persen en fruitsla afwerken.

Samen fruitsla eten en ik nog nen kop thee drinken.
Mét een koekje. Want ik was k-weet-nie-hoe multitasking, niet?

Oh, en ik hou van erwten en wortelen in één, maar alstublieft niet uit een bokaal. Een echtgenoot die verslaafd is aan erwten uit blik is meer dan voldoende.
Groenten met twee in één keer, dat werkt, vind ik, en dat is goed voor mijn lijf (en mijn geweten).
Favorieten?
Sojascheuten met paddestoelen.
Bloemkool en broccoli.
Paprika en champignons.

Nog tips?

Collage

March 2nd, 2010

Dringend af te schaffen in het lager onderwijs.
Collages. Uit tijdschriften prenten knippen en kleven op een blad. Over technologie deze keer.
Zéér dringend, liefst.
Tenzij er mij iemand kan uitleggen wat daar nuttig aan is.

Hm.

March 1st, 2010

De jongste.
Slapen, lachen en ‘grrr’ doen.
Pampers vullen aan een razendsnel tempo.
Wenen als je haar niet pakt, lachen als je het wel doet. (Dit enkel tussen 10 en 4, voor de rest maakt het haar niet veel uit) Ik moet dit een keer bekijken, hoe dat komt. Want ik ben gemakkelijke baby’s gewoon. Altijd. En ik zal daar wel iets op vinden, dat ze mij mijn koffie laat drinken en krant laat lezen. Misschien weer inbakeren, of nog meer draagdoeken, of gaan wandelen, misschien. De lente is toch een béétje van de partij, nu.

De middelste.
Gisterenavond 8uur, Ledebergplein. Vuurwerk en slingers voor ‘t carnaval.
Staat ze daar te glunderen, op haar vaders arm, om bij thuiskomst blij te verkondigen:’Mij feest is leuk hé mama. Met slinger en vuur in de lucht. Mij verjaardagsfeest, iep iep oera.’
Deze ochtend nog méér van dat: ‘Droomt van feest, mama. Lalisje feest, ah ja.’
Dat de wereld alleen rond haar draait, zou ze durven denken. Meer dan een keer per dag. Maar voor de rest is het een doetje hoor: ze verlangt naar school, is volledig proper, en dat al na drie dagen. Na drie weken hebben we de nacht erbij gegooid en ziet: ‘Ik moet wel plassen hé mama’ zei ze verontwaardigd om 5 uur in de nacht.

De oudste, en voorwaar de liefste van de wereld.
Ze houdt momenteel van voetbal, van koers en van accordeon. Voetbal, dat speelt ze op school, en dat is meteen de reden waarom ze graag naar school gaat. Koers, dat volgt ze met Jan, en daar ‘babbelen wij over dingen die u toch niet interesseren, mama’. Accordeon, dat speelt ze, en zo schoon mensen, zo goed. Ze oefent (bijna) elke dag, geheel uit haar zelf, en ze heeft een lied klaar voor ons trouwfeest. Maar daarover meer.
Ze is ook zot van poppen, plots weer, en heeft een eigen pop gemaakt. Nu wil ze er veel maken, en ze zal ze uitdelen, zegt ze. Waardoor ik achter mijn naaimachine moet kruipen, wat dacht u.

Zo.
Zo weet ik binnen 20 jaar weer hoe mijn dochters het deden in 2010.
Ik zal dan koffie drinken, en lezen, en lachen. En denken: ‘Amai, wat was dat een schone tijd.’ Krak hetzelfde als wat er nu zo door mijn hoofd flitst.

Denkt u niet?