Af en toe springt ze recht.
Om met één hand over de wieg te hangen, de vingers van de kleinste zus te grijpen, haar andere hand op de schouder van Jan te leggen, en te roepen: ‘de Verbinding!’
Jan neemt op zijn beurt de hand van Clarisse, die de mijne vlug vasthoudt.

de Verbinding, of de Band, heeft ze dit vreemde fenomeen gedoopt. Het wil blijkbaar zeggen dat wij allevijf met elkaar in verbintenis staan, door onze handen. Of door onze voeten, armen, hoofden. En als oma er is, zij er ook bij.

Waarom ze dat toch steeds doet, vroeg ik me verwonderd af. Gewoon, mama, zegt ze. Ik hou ervan, en ik heb het helemaal zelf uitverzonnen.

Nikke heeft door dat ze Ikke bedoelt, en haar woordenschat wordt alsmaar genuanceerder. ‘Genoeg’ is al eens ‘ Ik heb bijna genoeg’ en op een vraag antwoordt ze soms al eens: ‘Dat weet ik niet, mama’. Ze leert taal kennen zoals ze echt is, en aapt me de hele dag na.

En de kleinste?
Ewel, die slaapt. Die slaapt overdag, en die slaapt ‘s nachts. Die eet en slaapt. Om weer te eten en aan mijn borst in slaap te vallen. Ze is de meest rustige van de drie, die zo lief voor haar uit zit te staren, dat je haar zou willen opeten.


Net als een luksje, dat lekker harde wafeltje dat mijn grootmoeder voor de geboorte heeft gebakken. Honderden. Ik ben jullie het recept nog schuldig. Bij deze.

Om lukken te bakken heb je een speciaal lukkenijzer nodig, niet zo een om gewone wafels mee te bakken, maar een met héél kleine wafelvormpjes. Destrooper verkoopt ook zo’n soort wafels, maar die van ons zijn veel lekkerder.

Bon, je smelt 500 gram boter, maar laat hem niet bruin worden. Mijn metje gebruikt hiervoor die kilopotten Planta, en dat smaakt super. Je roert er 4 eieren op zijn geheel door. Daarna voeg je 700 gram kristalsuiker toe, en 300 gram kindjessuiker (bleke potsuiker). Tenslotte nog een kilogram patisseriebloem, en een half druppelglaasje water. Je krijgt een consistent deeg.
Je laat het deeg een nacht ‘overnachten’, en bakt de lukken de dag nadien.
Laat je ijzer zéér warm worden, wrijf het in met een stukje vet (de slager kan je dat bezorgen, en dat werkt stukken beter dan olie, omdat dat minder loopt). Rol bolletjes van het deeg, en bak ze.
Ze zijn heer-lijk.

Ik wil met je trouwen

January 11th, 2010

‘Ik wil met je trouwen.’
Ik fluisterde het deze nacht in je kleine oortje.
Jouw koude wang tegen mijn warme buik.
Het voelt nog altijd een beetje als één, jij en ik. Het is nog altijd een beetje zoals het negen maanden lang was.
Jij en ik dichter dan dicht bij mekaar.

Je antwoordde niet. Maar je begreep het wel. Borelingen zijn altijd wijzer dan men denkt.
Je zei niets, maar je schrokte, hongerig als altijd.
Ik moest glimlachen, en hoewel ik weet dat licht in de nacht niet zo slim is, stak ik het aan.
Om je nog beter te kunnen zien, om je helemaal te kunnen aanschouwen.
Jan woelde eventjes mee, maar viel daarna in een diepe slaap.

Het was weer wij twee. En niemand anders.
Je maakt me hebberig, kleintje.
Hebberig naar jou.

ik weet het al op voorhand

January 10th, 2010

het is tien voor elf en ik zit in mijn pyama voor de pc, met een drinkende baby aan mijn borst.
jan is naar de markt, de andere dames spelen vooraan, en ik luister naar iets klassieks waarvan ik de naam niet ken.

om 1uur komt ons kraambezoek, dat ook blijft eten, en ik moet er nog helemaal aan beginnen.
er moet gestofzuigd worden, gedweild, en liefst ook nog wat gestreken.
ik moet mij wassen, wil de krant nog lezen en er moet ook nog accordeon geoefend worden.

maar ik weet exact wat er zal gebeuren.
ik zal mij douchen, dat wel, maar voor de rest zal ik hier zitten, wat lezen, en kijken naar dat mooie mensje op mijn arm.

een tijdrover eerste klasse. een kakakampioen die ervoor gezorgd heeft dat ik gisteren impulsief zowaar een droogkast heb gekocht. een heerlijk meisje van wie ik de kaka zelfs mooi vind, van wie ik vind dat de pipi heerlijk ruikt. ze kan uren voor zich uit staren, begeleid door zacht gepiep.

ze gunt me heerlijke nachten, wat het plezier alleen maar vergroot. amai amai.

Nieuwe naam

January 9th, 2010

Nikke. Oftewel Clarisse.

Ze is een reus sedert ik terug ben uit het moederhuis. Haar billen zijn gigantisch, haar pampers ook. De kleren die ik haar aandoe, lijken van een immens grote orde in vergelijking met de witte, tere spulletjes die ik rond Simonne drapeer.

Klein is ze dus allerminst, onze peuter.
Vandaar de oproep: iemand een idee voor een nieuwe blognaam? Terwijl ik toch bezig ben: iemand een idee hoe ik mijn inhoud mee verhuis? En hoe ik zo’n schoon gekleurd kader rond de foto’s kan plaatsen?

Bedankt.

Met een oeroude stempeldoos, die ik op de rommelmarkt kocht voor één euro, en 2 kleuren stempelinkt, stempelden Anouk en ik het geboortekaartje inéén. De ommezijde werd éénmaal gemaakt en dan gedrukt, de voorzijde hebben we één voor één gestempeld in het moederhuis. We hadden twee namen voorzien, aangezien we niet wisten of ze een meisje of een jongen zou zijn, en de datum hebben we ter plekke gegutst.

Als geboortesuiker heeft mijn grootmoeder echte ‘lukken’ gebakken, typische harde nieuwjaarswafeltjes, die gegeven worden rond nieuwjaar, om elkaar geluk te wensen.

Het recept voor de lukken volgt.

Opnieuw

January 7th, 2010

Het liefst heb ik haar in mijn armen, wiegend op dit lied, net zoals Kruimel deed.
Het liefst heb ik ook dat ze zacht piept, en haar mondje heel gesparig friemelt. Met een boze, ernstige blik erbij en een geur die alleen verse baby’s hebben. Of dat ze aan mijn borst hangt, die ze ondertussen enorm goed kent. Schrokkend, met krampachtig twee handjes rond mijn vingers, alsof ze wil dat het nooit stopt.
Ik wil ook dat het nooit stopt, dat ik alles eventjes stil kan leggen.
Zij en ik in de nacht, op bed, zomaar, zonder tijd.

Ze is er.

January 4th, 2010

Ze is geboren, onze derde dochter.
Het is de mooiste, liefste, zachtste en ze ruikt het lekkerst van de hele wereld.
We zijn terug thuis en morgen post ik foto’s.

Ze heet Simonne, trouwens.