Noem mij maar Flop!

May 21st, 2008

Noem mij maar Flop.

Ragfijn zal ik u vertellen wat er in dat boek gebeurt. Vol diepgang zal ik de personages ontleden, bespreken en beoordelen. Ik haal er de mooiste zinnen uit, pik de diepste gedachten mee, onderstreep wat ik mooi vind, neem over waar ik van hou.

En toch.
Toch zult u het waarschijnlijk niet met me eens zijn. Het boek staat in mijn persoonlijke top twintig. Niet zo erg vanwege de stijl, nog minder omwille van de verhaallijn, maar enkel omdat het boek me naar de keel gegrepen heeft.

Het verscheen in 1982, toen ik 2 was. Enkele jaren later, naar ik weet in het jaar 1988, las ik het. Ergens in de zomer. Ver weg van mama, bij papa thuis. Ik zat verscholen achter een struik want de anderen waren aan het spelen. Zoals altijd. En ik zat te lezen. Zoals meestal. Ik las, hernam een stuk, las verder, las uit. En herbegon. Het boek bleef branden in mijn hoofd.

Vorige week, in de grote boekenopruimbeurt, had ik het opnieuw in mijn handen. Het rook naar toen, en het branden in mijn hoofd bleef.

En tot op vandaag weet ik niet zo duidelijk waar dat branden vandaan komt. Nog.Altijd.Niet.

(En het koppel boekenopruimen en ik: dat wordt nooit wat. Ik heb de laatste week zowat mijn jeugd herlezen. Maar opruimen? Rangschikken? Vergeet het maar.)

4 op een rij

March 5th, 2008

Ik heb ze nog allevier. Mijn grootouders. Drie van hen zijn zelfs nog in zeer goede gezondheid. Eén ervan is al jaren, mensonwaardig, aan het aftakelen. Als ik hem zie, dan voel ik altijd een beetje hoe sterven eruitziet.
De kaap van 80 is in het zicht voor 3 van hen, peter heeft ook die grens al overschreden.
Het is een evidentie dat ze er altijd zijn. En ik ga er zo een beetje van uit dat ze er altijd zullen zijn. Al weet ik hoe langer hoe meer dat dat niet niet zo is. Een beangstigende gedachte langs mijn kant.
Hoe zouden de gedachten langs hun kant zijn?

Op mijn nachttafel

February 17th, 2008

Op mijn nachttafel ligt nu: Gedichten voor gelukkige mensen – Bart Moeyaert. Ik heb de bundel gekregen van iemand die ik heel erg bedank hiervoor, want ik hou er nu al veel meer van dan ik gedacht had. Tederheid troef, en nooit té zeemzoeterig, hij is een meester, Meneer Moeyaert, en blinkt uit in veel.